De eierdop. Een ding dat zo onopvallend in je keukenkastje
staat te staan en dat zo samenvalt met de functie die het moet vervullen,
namelijk het stevig op z'n plek houden van jouw gekookte eitje, dat je bijna
zou vergeten dat ook dit ding ooit bedacht en ontworpen is door iemand.
![]() |
| Eierdoppen boerenbont, geproduceerd door Koninklijke Sphinx Aardewerk Fabriek Maastricht, aardewerk |
De eierdop bestaat al lang. De Romeinen gebruikten 'm al.
Daarna verdween het ding even in de vergetelheid om in de 15de eeuw weer op te
duiken aan sjiek gedekte tafels in de hoogste kringen. Een echte doorbraak
volgde pas midden 19de eeuw. Net als met heel veel andere producten maakte de
industriële revolutie, en daarmee de opkomst van de grootschalige industrie,
het mogelijk om de eierdop in grote hoeveelheden en relatief goedkoop te
produceren.
En daarna ging het los. Eierdopjes zijn tegenwoordig namelijk
te vinden in alle vormen, kleuren en materialen. Van plastic tot aardewerk en
van boerenbont tot stippelmotief. Je kunt het zo gek niet bedenken of het is
vast wel eens voor een eierdop gebruikt. Voor verzamelaars zijn eierdoppen dan
ook de ultieme droomobjecten. Maar hoe komt het toch dat juist van dit
eenvoudige ding zo veel verschillende variaties te vinden zijn?
![]() |
| Donna Wilson, eierdop Mog, porselein |
In de groots opgezette Britse tentoonstelling 'Britain can
make it' werd de vraag gesteld, 'Who designs the Egg cup?' In het antwoord komt
men tot de conclusie dat de kip hier zelf een groot aandeel in heeft. Haar
eieren bepalen immers de omtrekvorm van de eierdop. Met de komst van de
industrie werd het echter de industrieel ontwerper die de verdere vorm, het materiaal,
de kleur en de decoratie bedacht, zo stellen de tentoonstellingsmakers. De
tentoonstelling werd in 1946 georganiseerd in het Victoria & Albert Museum
in Londen, door de Council of Industrial Design (COID). Eén van de
belangrijkste doelen van deze tentoonstelling was het grote publiek bewust te
maken van het belang van een goed ontworpen (massa)product en de belangrijke rol die de industrieel ontwerper
hier in had. De initiators van de tentoonstelling hoopten hiermee de door
oorlog platgelegde Britse industrie weer op gang te brengen om op die manier de
economie te stimuleren.
Om het belang van de industriële ontwerper in het maakproces
van een product duidelijk te maken werd ervoor gekozen om een simpel alledaags
product als 'casestudy' te nemen; het eierdopje.
Een slimme keuze. Bijna niets is namelijk zo simpel van vorm
en in gebruik als het eierdopje en tegelijkertijd of misschien juist wel
daarom, zo geschikt om als industrieel ontwerper je stempel op te drukken. Aangezien
de basisvorm al grotendeels vaststaat, ligt de uitdaging voor de ontwerper er
vooral in om na te denken over het meest geschikte materiaal en een
aantrekkelijk uiterlijk.
![]() |
| Houten Juweel, eierdoppen, hout |
Natuurlijk is dit niet het hele verhaal, of zelfs niet het
halve. Het zijn vooral de relatief goedkope productiekosten en daarmee ook de
goedkope aanschafkosten die het aantrekkelijk maken om steeds weer nieuwe
varianten van de eierdop te ontwerpen, te produceren en te kopen. Samen met de
compactheid van het ding heeft dit misschien wel gezorgd voor de immense
verzameldrift die er is ontstaan bij mensen wereldwijd. Er is zelfs een eigen
naam voor dit verzamelgebied (pocillovy). Deze internationale verzamelwoede
vormt bovendien een constante stimulering van de productie van nieuwe modellen.
Daarmee is de productie van eierdoppen
dus ook al lang geen zaak meer van het ontwikkelen van een praktisch
gebruiksvoorwerp, maar eerder die van het bedenken van een zo begerenswaardig
mogelijk verzamelobject.
![]() |
| Anoniem, eierdoppen, hout |
![]() |
| Piet Zwart en H.P. Berlage, Deel van servies, persglas, 1924 |
![]() |
| Eierdop, geproduceerd door Rosti Mepal, kunststof |






Geen opmerkingen:
Een reactie posten